GLB: extra mogelijkheden GLMC 8 en nieuwe eco-activiteiten

 
GLB: extra mogelijkheden GLMC 8 en nieuwe eco-activiteiten
Gepubliceerd: 25-03-2024, laatst gewijzigd: 25-03-2024

Er zijn nieuwe ontwikkelingen rondom het Gemeenschappelijk Landbouwbeleid (GLB). Zo krijgt u extra mogelijkheden voor vier procent niet-productief bouwland (GLMC 8) en zijn er nieuwe eco-activiteiten toegevoegd aan de eco-regeling. In dit artikel leest u hier meer over. 

GLMC 8 in 2024

Vanaf 2024 bent u verplicht om minimaal vier procent van uw bouwland niet-productief te laten. Nu heeft minister Adema van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit (LNV) besloten dat derogatie op vier procent niet-productief bouwland (GLMC 8) ook voor Nederland geldt. Hierdoor hebt u een extra mogelijkheid om uw vier procent niet-productief bouwland in te vullen.  

Vier mogelijkheden

Namelijk met stikstofbindende gewassen, vanggewassen, landschapselementen en braakliggende grond. Dit betekent dat u in totaal vier mogelijkheden hebt. U kunt: 

  1. vier procent van uw bouwland invullen met landschapselementen zoals sloten, houtwallen en bomenrijen. Deze elementen moeten grenzen aan uw bouwland. U kunt ook bufferstroken, braak en akkerranden gebruiken om vier procent in te vullen.  

  2. drie procent van uw bouwland niet-productief laten en aanvullen tot minimaal zeven procent met bufferstroken, groene braak of houtige elementen. Hierdoor kunt u een procent meer waarde krijgen voor eco-activiteiten. 

  3. drie procent van uw bouwland niet-productief laten en aanvullen tot minimaal zeven procent met stikstofbindende gewassen. Bij deze optie kunt u tevens een procent meer waarde krijgen.  

  4. nieuw: vier procent van uw bouwland invullen met braakliggende grond, stikstofbindende gewassen, landschapselementen en vanggewassen. Hierop mag u geen chemische gewasbeschermingsmiddelen of biociden gebruiken. De weegfactor van vanggewassen is 1. 

De RVO is bezig de Gecombineerde Opgave (GO) aan te passen voor mogelijkheid 4. Naar verwachting is de opgave eind april aangepast. Tot die tijd kunt u van de derogatie gebruikmaken door in het onderdeel ‘Grond’ in de GO, de optie ‘Ik laat minimaal drie procent van mijn bouwland niet-productief. Dit vul ik aan tot zeven procent met stikstofbindende gewassen’ aan te kruisen. De opgave moet op een later moment waarschijnlijk opnieuw worden ingediend. Op dit moment is dit echter nog niet duidelijk. 

Vrijstelling 

Hebt u meer dan 75 procent grasland of is meer dan 75 procent van uw bouwland tijdelijk grasland, braak of vlinderbloemig? Dan bent u vrijgesteld van de verplichting om minimaal vier procent van uw bouwland niet-productief te laten. Hetzelfde geldt voor biologische bedrijven met maximaal tien hectare bouwland. 
 
Door de oorlog in Oekraïne gold er in 2023 een algehele vrijstelling voor de vier procent niet-productief eis vanuit GLMC 8. In 2024 heeft de Europese Commissie opnieuw een verordening aangenomen, vooral vanwege protesten van boeren die met steeds meer uitdagingen kampen. Deze verordening houdt in dat Europese landbouwers gedeeltelijk zijn vrijgesteld van conditionaliteitsregels voor niet-productief bouwland. De verordening is met terugwerkende kracht ingegaan vanaf 1 januari en geldt tot en met 31 december 2024.  

Nieuwe eco-activiteiten 

Ook krijgt u dit jaar nieuwe mogelijkheden voor de invulling van de eco-regeling in het GLB. Deze regeling krijgt namelijk drie nieuwe activiteiten. Twee daarvan zijn voor de inzet van precisiegewasbescherming en precisiebemesting op de hoofdteelt. Om in aanmerking te komen voor de eco-activiteit, moet u de activiteit minimaal één keer toepassen in het teeltseizoen. Ook dient er plaatsspecifiek naar behoefte van het gewas gedoseerd te worden.  

Voor beide activiteiten geldt: 

  • De spuitboom (voor gewasbescherming of vloeibare meststoffen) heeft de mogelijkheid om variabel per sectie de spuitdoppen aan te sturen.  

  • De strooier kan meststoffen over de strooibreedte plaatsspecifiek doseren. 

  • De zode- of sleepvoetbemester kan drijfmest op de (werk)breedte plaatsspecifiek doseren. 

  • U hebt machines die precisiebemesting kunnen uitvoeren of u hebt een factuur van een loonwerker die dit werk voor u gedaan heeft. Op de factuur staat wat er is gedaan, op welke datum en de gps-coördinaten of het perceelnummer uit de GO. 

  • U hebt een taakkaart bij een gps-gestuurde spuit of resultaatkaart bij een sensorgestuurde spuit. Deze bewaart u minimaal vijf jaar. Op de kaart staat wat er is gedaan en de gps-coördinaten of het perceelnummer uit de GO. Als het werk door een loonwerker is gedaan, vraagt u de kaart op bij de loonwerker.  

Plaatsspecifiek doseren 

Een taakkaart bevat informatie waarmee de dosering van de spuitmachine, strooier of drijfmestverspreider plaatsspecifiek aangestuurd wordt. Dit is een opdrachtkaart in een digitaal format die vooraf gemaakt is. Meestal op basis van een beschikbare digitale bodem- of biomassakaart met data over de variatie ervan binnen een perceel. Een resultaatkaart is van toepassing bij machines die sensorgestuurd onderweg variabel doseren. Er is dan vooraf geen taakkaart beschikbaar. De resultaatkaart bevat de plaatsspecifieke sensorwaarden op basis waarvan variabel gedoseerd wordt, dan wel de doorvertaling naar de beoogde plaatsspecifieke dosering op basis van die sensorwaarden. Naast het variabel spuiten van gewasbescherming of het variabel doseren van kunstmest en organische mest, valt ook het variabel toepassen van startmeststoffen of het variabel toedienen van insecticiden en nematiciden onder precisiebemesting en precisiegewasbescherming.   

Meer weten? 

Hebt u een vraag over de conditionaliteiten of de nieuwe eco-activiteiten? Over het GLB? Of wilt u weten of deelname aan de eco-regeling voor uw bedrijf (economisch) interessant is? Neem dan contact op met uw Flynth-adviseur of vul onderstaand contactformulier in. 

 

Hebt u een vraag over dit artikel?

Stel uw vraag via het onderstaande formulier en dan nemen wij contact met u op.
 

Nieuws

Geschreven door: