My Flynth
Onderaan de streep

Groeien met werkkapitaal: kijk in je keukenla

Gepubliceerd: 31-08-2017, laatst gewijzigd: 01-09-2017

Bouwbedrijven hebben dringend geld nodig. Niet omdat het slecht gaat, maar juist omdat ze momenteel een enorme groei doormaken. Waar halen ze dat geld vandaan? De bank lijkt voor de hand te liggen. Berno Sauer en Marco van Dijk van Flynth: ‘De “keukenla” van het eigen bedrijf levert doorgaans vele en goedkopere alternatieven.’

De cijfers spreken boekdelen. Het gaat weer goed met de branche. De netto-omzet in de bouw steeg in 2016 met 11% ten opzichte van het jaar ervoor. De brutowinstmarge verbeterde met 15%. Het eigen vermogen nam toe met 20%, de langlopende schulden daalden met 4,3% en de solvabiliteit – het vermogen om op de lange termijn aan de schulden te kunnen voldoen – werd 10,4% beter. In 2017 zet de stijgende lijn verder door: de omzetstijging bedroeg in het eerste kwartaal 5,5%. Naar verwachting komt de totale groei in 2017 én in 2018 uit op 4% tot 5%. 

Groeien betekent meer voorfinanciering

Om werk zit de sector inmiddels niet meer verlegen, om geld daarentegen wel. ‘Meer werk betekent meer voorraden, meer debiteuren, meer crediteuren en meer personeel. Bouwbedrijven worden in de regel pas betaald na realisatie van de bouw, terwijl ze crediteuren, personeel en de voorraden doorgaans veel eerder moeten betalen. Bouwbedrijven financieren hun eigen groei dus voor’, vertelt Van Dijk, bedrijfsadviseur van ondernemers in de bouw.

Werkkapitaal vergroten in plaats van bankfinanciering

Sauer, sectorleider Bouw, vult aan: ‘Groei brengt een kapitaalbehoefte met zich mee. Een financiering van de bank heeft als kenmerk dat het rente kost en dat hij moet worden afgelost. Maar is een bankfinanciering wel altijd nodig? Bouwbedrijven doen er goed aan om eerst in de eigen “keukenla” te kijken welke “verborgen” middelen zij zelf vrij kunnen maken om hun werkkapitaal te vergroten en daarmee dus “eigen geld” efficiënter in te zetten.’

Dat hoeft volgens Van Dijk niet moeilijk te zijn en is vaak een stuk goedkoper. ‘Werkkapitaal is niets anders dan het kapitaal dat benodigd is om aan dagelijkse financiële verplichtingen te kunnen voldoen. Met het werkkapitaal betalen bedrijven leveranciers, salarissen, onderhoud, voorraden. Perfect middel dus om de groei te financieren.’

Flynth heeft een tool werkkapitaalbeheer. Vraag Marco van Dijk om met u mee te kijken in uw ‘keukenla’ om ‘verborgen’ kapitaal op te speuren.

Aan de knoppen draaien

Bedrijven kunnen volgens Sauer en Van Dijk aan verschillende knoppen draaien om het werkkapitaal te beïnvloeden:

  • Debiteuren eerder laten betalen. Verkort betalingstermijnen van uitgaande facturen. Stuur ze eerder de deur uit. Wat hierbij goed kan helpen is factoring, waarbij de hele facturering wordt uitbesteed. Bouwbedrijven kunnen het werkkapitaal ook beïnvloeden door vooraf naar het betalingsgedrag en de kredietwaardigheid van debiteuren te kijken. En vooraf duidelijke betalingsvoorwaarden op te stellen.
  • Crediteuren later betalen. Wanneer bouwbedrijven leveranciers later kunnen betalen, maar wel eerder betaald worden door hun debiteuren, is er meer geld beschikbaar om te groeien.
  • De voorraad terugbrengen. Hoe langer voorraden in het magazijn liggen, hoe langer het duurt voordat een bouwbedrijf er geld voor krijgt. Verkort je deze termijn, dan is er eerder geld beschikbaar.
  • Betalen voor gebruik in plaats van bezit. Heb je als bouwbedrijf wel een eigen kraan nodig? Er een huren, leasen of delen met een ander bouwbedrijf, is vaak goedkoper als het aantal eigen draaiuren laag is. Wat voor een kraan geldt, geldt natuurlijk ook voor een gebouw of ander bedrijfsmiddel. Wordt deze van de hans gedaan, dan komt er ineens een behoorlijk kapitaal vrij. Hiermee kunnen nieuwe voorraden worden aangelegd of nieuw personeel worden aangetrokken.
  • Projecten sneller afronden en het onderhanden werk minimaliseren. Dan kun je eerder factureren, waardoor debiteuren eerder moeten betalen en er eerder geld beschikbaar is.

Wat levert mij dit op? Een voorbeeld.

Wat de eigen ‘keukenla’ kan opleveren, illustreren Sauer en Van Dijk aan de hand van een praktijkvoorbeeld.

Een bouwbedrijf met een omzet van € 20 miljoen en een inkoopwaarde van € 15 miljoen heeft een rekening courantschuld bij de bank, waarover het bouwbedrijf 7% rente betaalt. Verder betaalt het bouwbedrijf alles uit eigen vermogen. Het (vereist) rendement op het eigen vermogen bedraagt 17%.

Bij een (vastgestelde) solvabiliteitseis van 25% is de gewogen kapitaalkostenvoet dan (0,25 x 7%) + (0,75 x 17%) = 14,5%.

Bij een gemiddelde voorraad en onderhanden werk positie van € 2 miljoen komen de jaarlijkse kapitaalkosten dan uit op € 290.000. 

Door met de klant goed te kijken naar de hoogte van de voorraad en de onderhanden werkpositie konden deze met 20% worden teruggebracht tot € 1,6 miljoen. De kapitaalkosten daalden met meer dan € 58.000.

Aan welke knoppen kunt u draaien in uw bedrijf?
Vraag Marco van Dijk met u mee te kijken.

Commercie versus emotie

Ondernemers in de bouw zijn zich nog onvoldoende bewust van de mogelijkheden binnen hun eigen bedrijf, meent Van Dijk. ‘Ook is er een spanningsveld tussen commercie en emotie. Uit commercieel oogpunt weet een ondernemer heel goed dat zijn debiteuren hem zo snel mogelijk moeten betalen en dat de voorraden klein moeten zijn. Maar emotioneel gezien valt het niet mee om een debiteur drie keer te moeten bellen waar de betaling blijft, uit angst voor het uitblijven van een volgende opdracht. Laat staan hoe hij het vindt om zijn eigen gebouw te verkopen.’

‘Als dat bewustzijn er eenmaal is, en als de ratio wint het van de emotie, zal het niet lang duren voordat bouwondernemers hun werkkapitaal voor zich kunnen laten werken. En zich in staat stellen om te groeien.’

Tip: communiceer intern goed

Voor bouwondernemers die het lastig vinden hun klanten achter de broek aan te zitten, heeft Sauer een tip. ‘Belangrijk is dat bij debiteurenbeheer de verschillende disciplines binnen een bouwbedrijf (verkoper, inkoper en de controller) goed samenwerken. Het klantcontact van de verkoper is daarbij van groot belang. Omzet is tenslotte pas omzet als de factuur is betaald. Maak een liquiditeitsprognose, maak heldere betalingsafspraken, stel duidelijke doelen en bekijk periodiek of u nog op koers ligt.’

Heeft u vragen over uw eigen groeimogelijkheden?
Marco van Dijk denkt graag met u mee.

Deel dit bericht via:

Geschreven door:

Meer weten

Een vestiging bij u in de buurt
 

Gerelateerde artikelen

Blijf op de hoogte van het laatste nieuws

Marco van Dijk

Marco.vanDijk@flynth.nl