Nieuws

Gecombineerde Opgave 2020 – de belangrijkste wijzigingen

Gecombineerde Opgave 2020 – de belangrijkste wijzigingen
Gepubliceerd: 21-02-2020, laatst gewijzigd: 25-02-2020

De Gecombineerde Opgave vindt jaarlijks plaats en is van belang voor de verzilvering van uw betalingsrechten, het aanvragen van diverse premies en subsidies en van belang voor de meststoffen wet en plaatsingsruimte voor mest. U ontvangt binnenkort de uitnodiging via het RVO om de Gecombineerde Opgave 2020 in te vullen.

Er zijn voor het invullen van de Gecombineerde Opgave een aantal belangrijke wijzigingen ten opzichte van afgelopen jaar, deze hebben we voor u op een rijtje gezet. Met name de vraagstelling in de Gecombineerde Opgave is flink uitgebreider geworden. Belangrijkste reden daarvoor volgens RVO is dat er meer vragen zijn voor de landbouwtelling en voor mest, veroorzaakt door een aantal wettelijke verplichtingen.

Alle gegevens moeten op de juiste wijze en vóór 15 mei worden ingediend. Wilt u onze hulp daarbij inschakelen? Dat kan! Neem dan contact met ons op

De belangrijkste wijzigingen op een rijtje:

Algemeen

  • Lagere waarde betalingsrechten
    RVO gaat de waarde van de betalingsrechten voor 2020 opnieuw berekenen. In 2019 was de waarde 262,91 euro per stuk. Voor 2020 is een deel van het budget verplaatst naar andere subsidies uit het GLB, bijvoorbeeld naar plattelandsontwikkeling. RVO verwacht dat een betalingsrecht voor 2020 ongeveer 5 euro minder waard is, mede afhankelijk van de onderhandelingen over de Europese begroting.   
     
  • Vervallen van betalingsrechten na 2 jaar niet benutten
    Vanaf 1 januari 2020 vervallen betalingsrechten als in twee opeenvolgende jaren niet alle betalingsrechten zijn benut. Hierbij wordt niet meer gekeken naar het benutten van afzonderlijke betalingsrechten. Voorheen kon een bedrijf met structureel meer grond dan betalingsrechten, de rechten actief houden door het “rouleren” van benutte betalingsrechten over de percelen. Dit is nu niet meer mogelijk. Advies is om het aantal niet te benutten betalingsrechten te verkopen of te verhuren.
     
  • Let op situatie betalingsrechten afgelopen jaar 2019
    Bij de beoordeling over de benutting van betalingsrechten wordt ook de situatie in 2019 in de beoordeling meegenomen. Hierdoor kunnen al in 2020 betalingsrechten vervallen op basis van de nieuwe regeling.
     
  • Gehuurde rechten tellen mee
    Bij de bepaling of betalingsrechten komen te vervallen, gaat het om alle betalingsrechten die op 15 mei van het betreffende jaar op naam van het bedrijf staan geregistreerd. Het is hierbij niet van belang of de betalingsrechten in eigendom zijn of gehuurd. Verhuurde rechten tellen niet mee.
     
  • Belang verhuurders
    Verhuurde rechten tellen voor de benutting niet mee op het eigen bedrijf. Deze rechten kunnen wel komen te vervallen, indien de huurder twee jaar achtereen niet alle betalingsrechten heeft benut. Voor verhuurders is het van belang om te overwegen om afspraken te maken over de benutting van de rechten om zo het vervallen van rechten te voorkomen.
     
  • BGT-grenzen
    Eerste keer dat BGT-grenzen als referentielaag voor landbouwgrond worden gebruikt naar aanleiding van pilot van RVO, afgelopen jaar. BGT staat voor Basisregistratie Grootschalige Topografie, een nieuwe digitale kaart van Nederland die RVO voor de Gecombineerde Opgave gaat gebruiken.
     
  • Fosfaatdifferentiatie
    Bij de fosfaatdifferentiatie wordt onderscheid gemaakt in de fosfaatklassen laag’, ‘neutraal’, ‘hoog’ en, vanaf 2020, ook de klasse ‘ruim’.
    Voor het toepassen van de fosfaatdifferentiatie is het verplicht om de PAL- en Pw-getallen in te vullen in de Gecombineerde opgave. Indien het PAL- en/of Pw-getal niet is ingevuld, moet voor het desbetreffende perceel uitgegaan worden van de fosfaatklasse ‘hoog’. Onlangs heeft RVO aangegeven, dat bij het niet invullen van de desbetreffende getallen geen fosfaatdifferentiatie wordt toegepast. Ook niet indien de informatie later alsnog wordt aangeleverd.
     
  • Fosfaatreparatie
    Fosfaatarme- en fixerende gronden vallen onder voorwaarden onder de fosfaatklasse “arm”. Naast een “gestratificeerd” grondmonster en het invullen van de PAL- en Pw-getallen, moet in de GO verplicht een “vinkje” worden gezet. Indien niet aan deze voorwaarden is voldaan, mag niet uitgegaan worden van de normen voor “fosfaatarme” grond. RVO heeft onlangs aangegeven dat bij het ontbreken van het vinkje in de GO de normen voor fosfaatarme grond niet mogen worden toegepast.

Rundvee

Afhankelijk van RAV-code, worden vragen gesteld over staltype en mestsoort. De RAV-code is de aanduiding voor het huisvestingssysteem in de Regeling Ammoniak en Veehouderij.

  • Opgaaf totale melkproductie
    Voor rundveebedrijven zijn er vragen over de totale hoeveelheid melk die in 2019 op het bedrijf is geproduceerd. Hierbij telt ook de melk mee, die niet aan de fabriek is geleverd, maar bijvoorbeeld aan de kalveren is gevoerd en of de melk die op het eigen bedrijf is verzuiveld. Van belang hierbij is, dat op basis van de totale melkproductie op het bedrijf, de gemiddelde melkproductie per koe wordt berekend, met de bijbehorende fosfaatproductie (volgens de tabel) en het benodigd aantal fosfaatrechten!
     
  • Opgaaf mestopslagcapaciteit
    In de opgave worden vragen gesteld over de mestopslagcapaciteit. Deze opslagcapaciteit op uw bedrijf is relevant in verband met een andere opgave bij RVO die jaarlijks gebeurt, namelijk de melding van de eindvoorraden mest, zoals die jaarlijks bij RVO voor 1 februari moet plaatsvinden.
     
  • Niet tijdig en niet volledig ingevulde Gecombineerde Opgave
    Het niet tijdig en niet volledig invullen van de GO en daarmee het onterecht rekenen met hogere fosfaatgebruiksnormen, kan bij derogatiebedrijven leiden tot intrekking van de derogatievergunning, indien overschrijding van de fosfaatgebruiksnormen wordt geconstateerd.

Varkens en pluimvee

Bij huisvesting van varkens en kippen worden naast de vragen over staltype en mestsoort ook vragen gesteld over de vloeruitvoering en uitloop naar buiten. Voorts wordt bij huisvesting voor varkens ook het aantal maanden weidegang gevraagd. Voor varkensbedrijven zijn er daarnaast aanvullende vragen over het gemiddeld gehouden aantal varkens in het vorige jaar. Dit naar aanleiding van het rapport van Varkens in Nood.

Nertsen en geiten

Bij de huisvesting van nertsen en geiten zijn er vragen over de mestbehandeling en over de verwerking van de mest op de locatie(s).  

Plantaardige teelten, waaronder akkerbouw

De equivalente maatregelen waarmee u extra fosfaat kon gebruiken zijn met ingang van 2020 vervallen. De equivalente maatregelen waarmee u extra stikstofruimte kunt krijgen, zijn tot 1 juni aan te vragen. De stikstofdifferentiatie, waarmee u extra stikstofruimte kunt krijgen voor kleigrond, zijn tot 15 mei aan te vragen.

Tuinbouwbedrijven

Voor tuinbouwbedrijven zijn er nieuwe vragen voor de emissieregistratie.

Gemengde bedrijven

Op gemengde bedrijven worden aanvullende vragen gesteld over het houdersdoel van de runderen.

Gemeenschappelijk Landbouw Beleid

  • Graasdierpremie
    Graasdierpremie kan worden aangevraagd voor schapen en vrouwelijke vleesrunderen. Voor 2020 is rond 3,3 miljoen euro beschikbaar. De premie is 153 euro per rund en 23 euro per schaap. Voorwaarde is dat uw dieren goed in het Identificatie & Registratiesysteem (I&R) staan. U moet actieve landbouwer zijn. Alle dieren die worden opgegeven, moeten van 15 mei tot en met 15 oktober extensief op niet-subsidiabele grond grazen. Let op melding bij graasdierpremie bij te late melding in I&R (sanctie).
     
  • Subsidiabele gewassen
    ilde rijst en azolla (kroosvaren) zijn als subsidiabele gewassen toegevoegd. Wilde rijst is een een geslacht grassen. Anders dan de naam doet vermoeden, is wilde rijst geen rijst (hoewel het wel nauw verwant is aan het rijstgeslacht Oryza) en het is eigenlijk ook nog nauwelijks wild, want het wordt voornamelijk commercieel geteeld. De stengels worden als groente gegeten en wilde rijst zien we in siervijvers. Wilde rijst groeit in rustig, ondiep water. Het azolla-plantje is een eiwitgewas met potentie als veevoer, voor bioplastics en biodiesel.
     
  • Invulling ecologisch aandachtsgebied
    Voor het EA-gewas ‘Braak met drachtplanten’ (Algemene lijst) moet een mengsel van tenminste drie drachtplanten worden geteeld. Dit mengsel van drachtplanten mag worden gemengd met een aantal niet-drachtplanten. De volgende gewassen mogen vanaf 2020 in het mengsel worden opgenomen: roodzwenkgras, rietzwenkgras, veldbeemdgras, Japanse haver, Dille, Pastinaak, Gele ganzenbloem, Kleine zonnebloem, Margriet, Echte kamille, Barbarakruid, Bladrammenas, Bolderik, Lupine, Serradella, Kleine klaver, Alexandrijnse klaver, Erwt, Hennepnetel, Veldzuring, Wilde ridderspoor en Timothee. Let op: de drachtplanten moeten wel aantoonbaar in het mengsel overheersen.
     
  • Veldleeuwerikpakket vervallen
    Om invulling te geven aan de vergroeningseis “5% Ecologisch aandachtsgebied” kon ook vorig jaar nog gekozen worden voor het Veldleeuwerikpakket. Per 1 januari 2020 is het Veldleeuwerikpakket vervallen, omdat Stichting Veldleeuwerik haar activiteiten heeft gestaakt.

Geschreven door:

Contact

Een vestiging bij u in de buurt
Bel: 088 236 77 77

Gerelateerde artikelen

Theme picker

Arjan Hutten

arjan.hutten@flynth.nl