blog

De Wet franchise – van bewustzijn naar actie

De Wet franchise – van bewustzijn naar actie
Gepubliceerd: 21-05-2021, laatst gewijzigd: 21-05-2021

Inmiddels is de Wet franchise al weer ruim vier maanden geleden in werking getreden. Hoe wordt nu in de praktijk omgegaan met deze nieuwe wet? 

Wij merken dat iedereen zich er wel van bewust is dát de Wet franchise er is en dat deze nieuwe wet rechten en verplichtingen met zich brengt voor zowel franchisegevers als franchisenemers. Tegelijkertijd zien we ook dat er uiteindelijke heel verschillend wordt omgegaan met deze nieuwe wet. Enkele voorbeelden van vragen uit de praktijk:

  • “onze franchiseovereenkomst voldoet al aan de Wet franchise”
  • “we hebben voor bestaande franchiseovereenkomsten twee jaar de tijd om alles te regelen”
  • “wat een gedoe, dat franchise. Dan kiezen we toch gewoon niet voor franchise?”
  • “wat is het risico als ik niet aan de Wet franchise voldoe?”

Maar hoe zit het nu echt?

Onze franchiseovereenkomst voldoet al aan de Wet franchise

Wij zijn zelf nog geen franchiseovereenkomst tegengekomen die zonder aanpassingen volledig voldeed aan de Wet franchise. Uit de uitgevoerde quickscans Wet franchise bleken met name de informatieplicht van franchisegever, het instemmingsrecht, de goodwillbepaling en het non-concurrentiebeding daarbij aandachtspunten te zijn. Voor de twee laatstgenoemde onderwerpen geldt bovendien dat hiervan niet ten nadele van de franchisenemer kan worden afgeweken en dat een beding in strijd met de Wet franchise nietig is. Dit betekent dat het betreffende beding niet geldt en daarmee dat hierop ook geen beroep kan worden gedaan.

Verder kwamen tijdens deze quickscans ook andere aandachtspunten naar voren. Punten die niet zozeer zijn ingegeven door de Wet franchise, maar eerder door de dagelijkse praktijk van de betreffende franchiserelatie en de (groei)ambities naar de toekomst.

En zelfs áls de franchiseovereenkomst aan de Wet franchise voldoet, ben je er nog niet. De Wet franchise bevat namelijk ook specifieke verplichtingen voor de precontractuele fase, dus de fase voorafgaand aan het sluiten van de franchiseovereenkomst. 

We hebben voor bestaande franchiseovereenkomsten twee jaar de tijd om alles te regelen

Dit klopt deels: voor het instemmingsrecht, de goodwillbepaling en het non-concurrentiebeding geldt inderdaad voor bestaande franchiseovereenkomsten een overgangsperiode van twee jaar. De rest van de bepalingen van de Wet franchise is echter wél direct vanaf 1 januari 2021 van toepassing op bestaande franchiseovereenkomsten. Denk hierbij aan de specifieke informatieverplichtingen van de franchisegever, de verplichting van franchisegever tot het verlenen van bijstand en commerciële en technische ondersteuning en het feit dat een franchisenemer verplicht is het aan de franchisegever aan te geven dat hij bijstand van franchisegever nodig heeft.

Los daarvan: is het wel wenselijk om twee verschillende regimes binnen een formule te hebben? Binnen dezelfde formule zijn er dan nieuwe franchisenemers waarbij de franchiseovereenkomst volledig moet voldoen aan de Wet franchise – inclusief instemmingsrecht, goodwill-bepaling en non-concurrentiebeding - en franchisenemer waarvoor deels nog andere regels / afspraken gelden. Dit brengt ongelijkheid met zich en mogelijk ook onnodige onrust tussen franchisenemers onderling

Wat een gedoe, dat franchise. Dan kiezen we toch gewoon niet voor franchise?

Helaas is dit geen optie. De Wet franchise bevat een aantal definities en als de samenwerking op basis van deze definities kwalificeert als franchise, dan ís het automatisch franchise. Een andere naam boven de samenwerkingsovereenkomst zetten, biedt dus geen oplossing. De Wet franchise is van toepassing en moet worden gevolgd.

Wat is het risico als ik niet aan de Wet franchise voldoe?

Het risico is afhankelijk van de fase: precontractueel, contractueel of na het contract. Hieronder een aantal voorbeelden:

precontractueel: alle (verplichte) informatie die de franchisegever op grond van de Wet franchise aan de beoogd franchisenemer moet geven, moet ten minste vier weken voorafgaand aan het sluiten van de franchiseovereenkomst aan de beoogd franchisenemer worden verstrekt. De termijn van ten minste vier weken geldt als een stand-still periode. Er mag in deze periode niets gewijzigd worden, tenzij het een wijziging betreft ten voordele van de franchisenemer. Evenmin mag de franchiseovereenkomst gedurende de termijn voor beraad niet worden gesloten tussen partijen. Als de stand-still periode niet in acht wordt genomen, kan de franchisenemer de franchiseovereenkomst vernietigen. Dit betekent dat na vernietiging de franchiseovereenkomst wordt geacht nooit te hebben bestaan.

contractueel: een bepaling in strijd met de wet is vernietigbaar. Na vernietiging is de betreffende bepaling niet meer van toepassing en dit met terugwerkende kracht tot aan de ingangsdatum van de franchiseovereenkomst. Hierop kan dus niet langer een beroep worden gedaan.

na het contract: van de wettelijke bepalingen inzake goodwill of non-concurrentie kan niet ten nadele van de franchisenemer worden afgeweken. Een beding dat in strijd met de wettelijke bepalingen is, is nietig. Dit beding wordt geacht nooit te hebben bestaan en hier kan geen beroep op worden gedaa

Kortom: 

De Wet franchise vraagt maatwerk voor elke individuele franchiserelatie. Wilt u weten of uw franchiseformule voldoet aan de Wet franchise? Neem dan vrijblijvend contact met ons op. Wij helpen zowel franchisegevers als franchisenemers graag verder bij de implementatie van de Wet franchise.

Geschreven door:

Contact

Een vestiging bij u in de buurt
Bel: 088 23 67 777

Gerelateerde artikelen

Lizan Beers Senior Juridisch Adviseur bij Flynth Lizan Beers

lizan.beers@flynth.nl