Blog

De veranderingen in de WWZ: Wederom Wonderlijke Zaken

Gepubliceerd: 14-02-2017, laatst gewijzigd: 17-02-2017

Over de invoering van de Wet Werk en Zekerheid, de alom niet geprezen wet van Minister Asscher, is al veel geschreven en geroepen. De signalen kwamen met name uit het werkveld, omdat hier direct werd ingezien dat de intenties van de wet niet zouden gaan werken in de praktijk. Nu, in het zicht van de verkiezingen, gaan de politieke partijen zich roeren in het schrijven en roepen. Ik ga een poging doen om de beloftes van de verschillende (grote) partijen beknopt op een rij te zetten.

Laat ik beginnen met een van de huidige beleidsbepalers, de VVD. De VVD roept in haar verkiezingsprogramma onder andere het volgende: “Daarom moet het weer mogelijk worden om meerdere tijdelijke contracten en tijdelijke contracten van langere duur aan te bieden.” Aha, men zegt hier eigenlijk “wat onze partner aan het roer heeft bedacht, is niet ons idee geweest en daarom willen wij dit terugdraaien”. Je zou haast gaan denken dat hier een vorm van verdeel-en-heers-tactiek is toegepast. Maar dan wel over de rug van MKB-Nederland!

Dan de partner in business, de PVDA. Met haar nieuwe leider Minister Asscher, de bedenker van het WWZ-fenomeen, heeft deze partij destijds ingezet op vast wordt vaster en flex wordt minder flex. Deze lijn wordt doorgetrokken in het verkiezingsprogramma. Zo valt onder ander het volgende te lezen: “Een vast contract vinden we geen luxe maar een recht” en “vast werk maken we aantrekkelijker voor werknemer én werkgever”. De pré van het programma is dat ook de “hoe-vraag” enigszins beschreven is. De PVDA wil namelijk een werkgelegenheidsakkoord opstellen. Hierin wil men bijvoorbeeld afspraken maken over hogere lonen, maar ook over toename van werk en zekerheid voor alle werknemers. De wijze waarop deze partij tegemoet wil komen aan de werkgevers is helaas niet concreet beschreven. Een gemiste kans om stemmen bij ondernemers te winnen.

Tegenover de beleidsbepalers staat vanzelfsprekend de oppositie. Het zal een ieder niet verbazen dat hier met name tegengeluiden te horen zijn. Alle oppositiepartijen hebben één gezamenlijke conclusie: de doelstellingen van de WWZ zijn niet gehaald. Tegelijkertijd komen alle partijen, met uitzondering van de PVV, met suggesties. D66 is van deze partijen heel duidelijk: “We willen dat iedereen gelijke kansen heeft op het werk en daarom verdwijnen de tijdelijke contracten”. Punt. De “hoe gaan we dit doen vraag” wordt ook hier helaas (nog) niet beantwoord.

De christelijke partijen steken met name in op aanpassingen rondom de contracten voor bepaalde tijd. Het CDA wil dat er meer mogelijkheden komen voor meerjarige arbeidscontracten en noemt een vijfjarige arbeidsovereenkomst als verbetering ten opzichte van de huidige situatie van twee jaar.

De ChristenUnie zet in op een oplopende omvang van de tijdelijke contracten. Contract 2 duurt minimaal 6 maanden langer dan het eerste contract en contract 3 moet minimaal 1 jaar langer duren dan contract 2. Een voorbeeld: contract 1 duurt 1 jaar, daardoor duurt contract 2 al 1,5 jaar en daardoor contract 3 dus 2,5 jaar. Met andere woorden: de keten wordt opgerekt naar 5 jaar. Maar wil een ondernemer zich met een 3e tijdelijk contract voor 2,5 jaar verbinden aan een werknemer uit de flexibele schil? Wil een ondernemer niet juist een stukje flexibiliteit in duur en omvang?

Het SGP sluit hier overigens goed op aan. Deze partij wil naast meer opeenvolgende contracten met kortere tussenpozen ook meerjarige contracten mogelijk maken.

Dan de linkse oppositie. De SP wil de lasten voor het kleinbedrijf verlagen en wil voor meer arbeidszekerheid zorgen door de WW-premie voor vast werk te verlagen en voor flexibel werk te verhogen. Vast werk wil men dus op deze manier aantrekkelijker maken. In het verkiezingsprogramma wordt verder niet ingegaan op de WWZ.
Groen Links heeft hetzelfde geluid over de WW-premie en wil de lasten op arbeid voor zowel de werkgever als de werknemer verlagen. Hiernaast wil deze partij een tweede meerjarig contract mogelijk maken. 

Tenslotte de PVV. Op het verkiezingsprogramma van één A-4tje vermeld deze partij niets over het onderwerp arbeid. Er worden 11 onderwerpen benoemd, maar er wordt niets geschreven over de werkgelegenheid of eventuele maatregelen om de arbeidsmarkt te stimuleren...

Wat kun je als kiezer met deze informatie?

Feit is dat er in het huidige kabinet bewust gekozen is voor aanpassingen in het arbeidsrecht. Feit is ook dat alle partijen nog geen twee jaar na invoering van de Wet Werk en Zekerheid in de verkiezingsprogramma’s al met voorstellen voor aanpassingen komen. Waarom is dit niet tijdens de zittingsperiode van het huidige kabinet gedaan? Waarom heeft men gewacht? Is de vertragingstactiek toegepast om stemmen te scoren?

Met deze kijk van alle partijen op de Wederom Wonderlijke Zaken is er eigenlijk zand in de ogen van de kiezer gestrooid. En daarom wens ik alle kiezers veel wijsheid.

Geschreven door:

Contact

Een vestiging bij u in de buurt
Bel: 088 23 67 777

Gerelateerde artikelen

Theme picker

Rick van den Bos

Rick.vandenBos@flynth.nl