Nieuws

De Wet franchise en de precontractuele fase – de vertaling naar de praktijk

De Wet franchise en de precontractuele fase – de vertaling naar de praktijk
Gepubliceerd: 16-12-2021, laatst gewijzigd: 20-12-2021

De Wet franchise is op 1 januari 2021 ingevoerd. In deze wet zijn ook specifieke regels vastgelegd met betrekking tot de precontractuele fase. Dit is de fase voorafgaand aan het sluiten van een franchiseovereenkomst. Daarbij gelden  verplichtingen voor zowel franchisegever als franchisenemer. Hoe zat het ook al weer en wat betekent dit voor de praktijk?

 

De regels

Informatieplicht franchisegever

De franchisegever moet de nodige informatie aan de beoogde franchisenemer verstrekken. Deze informatie moet de franchisenemer in staat stellen om een goed beeld te krijgen van de rechten en plichten en de investeringen binnen de franchiserelatie. Het verstrekken van het definitieve concept van de franchiseovereenkomst, inclusief bijlagen, is hier onderdeel van. De franchisegever moet deze informatie bovendien ten minste vier weken voorafgaand aan het sluiten van de franchiseovereenkomst aan de beoogde franchisenemer verstrekken.

 

Stand-stillperiode

De termijn van ten minste vier weken geldt als een stand-stillperiode. Er mag in deze periode niets gewijzigd worden, tenzij het een wijziging betreft waar de franchisenemer voordeel van heeft. De franchiseovereenkomst mag gedurende de termijn niet voor beraad worden gesloten tussen de partijen. Als de stand-stillperiode niet in acht wordt genomen, kan de franchisenemer de franchiseovereenkomst vernietigen. Dit betekent dat na vernietiging de franchiseovereenkomst nooit heeft bestaan.

 

Onderzoeksplicht franchisenemer

Tijdens deze stand-stillperiode heeft de beoogde franchisenemer de gelegenheid om de van de franchisegever ontvangen informatie te bestuderen. De beoogde franchisenemer is verplicht om maatregelen te treffen om te voorkomen dat hij op basis van onjuiste veronderstellingen de franchiseovereenkomst sluit. Hij kan dit doen door zich tijdens de stand-stillperiode te laten adviseren door een deskundige. Ook kan hij eventuele vragen stellen aan of overleggen met de franchisegever over de inhoud en uitvoering van de beoogde franchiseovereenkomst.

 

Niet aanzetten tot het doen van betalingen en investeringen

De franchisegever mag de beoogde franchisenemer gedurende de termijn van beraad niet aanzetten tot het doen van betalingen of investeringen aan de franchisegever of aan derden, die direct of indirect samenhangen met de nog te sluiten franchiseovereenkomst.

 

Uitzonderingen op de stand-stillverplichting

Er zijn twee algemene uitzonderingen op de stand-stillverplichting:

  • allereerst geldt een uitzondering bij het sluiten van een opvolgende franchiseovereenkomst tussen dezelfde franchisegever en franchisenemer, betreffende dezelfde franchiseformule. Het gaat daarbij zowel om een ongewijzigde verlenging van de voorgaande overeenkomst (na ommekomst van de looptijd), als om een nieuwe overeenkomst (eveneens na ommekomst van de looptijd van de eerdere overeenkomst) die wijzigingen bevat ten opzichte van de voorgaande;

de andere uitzondering heeft betrekking op de situatie dat (tijdens of na ommekomst van de looptijd van een eerdere franchiseovereenkomst) een nieuwe franchiseovereenkomst wordt gesloten tussen de franchisegever en een dochtermaatschappij van de franchisenemer of een aan hem verbonden groepsmaatschappij.

De praktijk

Wij zien dat er in de praktijk toch nog veel vragen zijn over de concrete invulling van de precontractuele fase, zowel bij franchisegevers als bij beoogde franchisenemers. Hieronder enkele voorbeelden.

 

  • Is het een verplichting om een franchiseovereenkomst aan te bieden?

Is de franchisegever verplicht om na afloop van de stand-stillperiode de beoogde franchisenemer daadwerkelijk een franchiseovereenkomst aan te bieden?

Dat hangt af van het selectieproces van de franchisegever en de documenten die onderdeel vormen van de precontractuele fase. Als de franchisegever aangeeft dat hij de beoogde franchisenemer een franchiseovereenkomst wil aanbieden als de beoogde franchisenemer het selectieproces – al dan niet met bepaalde trainingen - succesvol afgerondt, dan zal de franchisegever hier in principe aan gehouden zijn. Geeft de franchisegever richting de beoogde franchisenemer aan dat het verstrekken van de informatie op geen enkele manier een verplichting inhoudt tot het daadwerkelijk aanbieden van een franchiseovereenkomst, dan ligt dit anders.

 

  • Kun je een precontractueel informatiedocument ondertekenen als nog niet alle relevante informatie bekend is?

De afspraken met betrekking tot de precontractuele fase worden vaak in een precontractueel informatiedocument (PID) vastgelegd, dat de franchisegever en de franchisenemer ondertekenen. Is het mogelijk om een PID te ondertekenen als er bijvoorbeeld nog geen concrete locatie is of als de huurprijs nog niet bekend is?

Het is mogelijk om al een PID te ondertekenen als nog niet alle informatie bekend is. Het is dan altijd mogelijk om een aanvulling op dit PID overeen te komen. De stand-stillperiode vangt echter pas aan als alle verplichte, door de franchisegever te verstrekken informatie ook daadwerkelijk aan de beoogde franchisenemer is verstrekt. De stand-still periode is een minimum, maar kent geen maximum. Bij het verstrekken van nieuwe informatie of het wijzigen van informatie gaat de stand-stillperiode opnieuw in.

 

  • Een bestaande franchisenemer wil een nieuwe locatie openen. Welke regels gelden?

Een bestaande franchisenemer wil voor een nieuwe locatie ook een franchiseovereenkomst met de franchisegever aangaan. Gelden de regels voor de precontractuele fase uit de Wet franchise dan ook?

Die regels gelden inderdaad. Het gaat om een andere/nieuwe locatie en een nieuwe franchiseovereenkomst, niet om het verlengen van een reeds bestaande franchiseovereenkomst. Het feit dat de franchisenemer al bekend is met de formule en de documentatie en relevante grotendeels kent, doet hier niets aan af.

 

  • De stand-stillperiode loopt nog, maar de huurovereenkomst moet worden getekend om de locatie veilig te stellen.

De franchisegever heeft een mooie nieuwe locatie gevonden. Het is de bedoeling dat de (nu nogbeoogde) franchisenemer die locatie rechtstreeks Huurt. Om deze locatie veilig te stellen, moet binnen twee weken een huurovereenkomst worden getekend. De stand-stillperiode loopt dan nog. Kan/mag de franchisegever de franchisenemer hiertoe aanzetten en/of verplichten?

Nee, dit mag niet. De huurovereenkomst is een investering die samenhangt met de nog te sluiten franchiseovereenkomst. Tijdens de stand-stillperiode mag de franchisegever de beoogd franchisenemer niet aanzetten tot het doen van betalingen of investeringen aan de franchisegever of aan derden, die direct of indirect samenhangen met de nog te sluiten franchiseovereenkomst. Het vroegtijdig tekenen van een huurovereenkomst is geheel voor eigen risico van de franchisegever.

 

Tot zover enkele voorbeelden uit de praktijk. Heeft u als franchisegever vragen over de praktische invulling van de precontractuele fase? Heeft u als (beoogd) franchisenemer vragen over uw positie? Neem dan vrijblijvend contact met ons op. Wij helpen zowel franchisegevers als franchisenemers graag verder bij de praktische invulling van en vragen over de precontractuele fase.

Geschreven door:

Bel: 088 23 67 777

Gerelateerde artikelen

Lizan Beers Senior Juridisch Adviseur bij Flynth Lizan Beers