Droogte en GLB: wat betekenen de versoepelingen voor uw bedrijf?

Nieuws

  • Auteur

  • Gepubliceerd

  • Laatst gewijzigd

Droogte in 2026 leidt tot GLB-versoepelingen en overmacht. Lees wat dit betekent voor GLMC 6, eco-activiteiten en uw bedrijf.

De langdurige, uitzonderlijke droogte van 2026 maakt het voor veel agrarische ondernemers lastig om aan alle verplichtingen van het Gemeenschappelijk Landbouwbeleid (GLB) te voldoen. Gewassen groeien minder goed, vanggewassen slaan niet overal aan en sommige percelen voldoen niet aan de verwachte ontwikkeling. 

Daarom heeft RVO voor 2026 verschillende versoepelingen aangekondigd. Deze hebben onder meer betrekking op minimale bodembedekking binnen GLMC 6 (Goede landbouw- en milieuconditie 6) en de eco-activiteiten groene braak, onderzaai vanggewas en vroeg ras rooigewas. Ook heeft RVO voor een aantal situaties de droogte aangemerkt als overmacht. 

De actuele voorwaarden, uitzonderingen en wijzigingen vindt u op de website van RVO. U kunt tot en met 15 oktober 2026 nog wijzigingen doorvoeren in 'Mijn percelen' en uw Gecombineerde opgave opnieuw indienen. Let op: na deze datum kunt u geen wijzigingen meer doorgeven. 

Deze versoepelingen bieden ruimte in dit uitzonderlijk droge jaar. Dat betekent echter niet dat alle gevolgen van de droogte voor uw bedrijf automatisch zijn opgelost. De gevolgen verschillen per perceel, gewas en situatie. Bovendien kunnen naast de GLB-regels ook vragen spelen rond mest, teeltkeuzes, opbrengst en bedrijfsvoering. Juist daarom is het belangrijk om verder te kijken dan de versoepelingen alleen. 

1. Uw perceel voldoet mogelijk niet aan de eisen voor bodembedekking 

Een belangrijke versoepeling betreft de eis voor minimale bodembedekking. Voor een aantal situaties heeft RVO de droogte aangemerkt als overmacht. Daardoor vervalt voor deze situaties de eis dat een perceel voor minimaal tachtig procent bedekt moet zijn. 

Dat geeft meer ruimte, maar het blijft belangrijk om vast te stellen welke voorwaarden nog wel gelden en of uw situatie daadwerkelijk onder de uitzondering valt.  

2. U maakt gebruik van groene braak, onderzaai of een vroeg ras rooigewas 

Voor groene braak, onderzaai van een vanggewas en vroeg ras rooigewas gelden tijdelijke aanpassingen. Deze versoepelingen kunnen helpen wanneer de droogte ervoor zorgt dat een gewas zich anders ontwikkelt dan gepland. Andere voorwaarden blijven echter vaak gewoon gelden. Juist daar ontstaan in de praktijk regelmatig vragen. Mag u nog dezelfde keuzes maken? Wat betekent dit voor uw administratie? En welke gevolgen heeft dit voor uw subsidieaanvraag? 

3. U twijfelt of een overmachtsmelding nodig is 

Voor sommige situaties hoeft u geen overmachtsmelding te doen, omdat RVO hier al rekening mee houdt. In andere gevallen kan een melding juist wel nodig zijn als u door de droogte niet aan bepaalde voorwaarden kunt voldoen. 

De vraag is daarbij niet alleen óf u een melding moet doen, maar ook welke gevolgen dit heeft voor uw aanvraag en welke informatie of bewijsstukken u moet bewaren. Zorg daarom dat u uw situatie en eventuele gevolgen voor percelen en gewassen goed vastlegt en relevante bewijsstukken bewaart. 

In de praktijk ontstaat die vraag bijvoorbeeld wanneer een vanggewas onvoldoende is ontwikkeld, een gewas niet of nauwelijks is opgekomen of een geplande eco-activiteit door de droogte niet uitvoerbaar blijkt. Dan is het verstandig om tijdig te beoordelen of een overmachtsmelding nodig is en welke gevolgen dit heeft voor uw aanvraag. 

4. De gevolgen van droogte gaan vaak verder dan het GLB 

De belangrijkste vraag is uiteindelijk niet of er een versoepeling geldt, maar wat de droogte betekent voor uw bedrijf als geheel. 

Denk hierbij aan:

  • percelen waarop een gewas onvoldoende is ontwikkeld 

  • wijzigingen in uw bouw- of teeltplan 

  • gevolgen voor uw mestplan 

  • situaties waarin meerdere regelingen tegelijk een rol spelen 

In de praktijk begint dit vaak met een concrete vraag op het erf. Bijvoorbeeld omdat een gewas niet is opgekomen, een vanggewas onvoldoende is ontwikkeld of omdat de situatie op een perceel afwijkt van wat u eerder in uw Gecombineerde opgave heeft opgegeven. Dan is het belangrijk om verder te kijken dan de afzonderlijke regeling en de gevolgen voor het hele bedrijf te beoordelen. 

Een versoepeling binnen het GLB kan één probleem oplossen, terwijl andere gevolgen blijven bestaan.  

Wat betekenen de versoepelingen voor uw situatie? 

De regels van RVO beschrijven wat binnen de verschillende situaties mogelijk is. De toepassing ervan op uw eigen bedrijf kan complex zijn.  

Twijfelt u welke gevolgen de droogte en de aangepaste GLB-regels hebben voor uw bedrijf? Dan is het verstandig om tijdig naar het totaalplaatje te kijken. Denk daarbij niet alleen aan uw GLB-aanvraag, maar ook aan uw mestsituatie, teeltkeuzes, opbrengst en verdere bedrijfsvoering. 

Voor de actuele voorwaarden, uitzonderingen en wijzigingen verwijzen wij naar de informatie van RVO over droogte, overmacht en GLB-subsidies. Daar vindt u de meest actuele uitleg van de regels en voorwaarden. 

Niet altijd is direct duidelijk hoe deze regels moeten worden geïnterpreteerd of wat ze betekenen voor uw eigen situatie. Zeker wanneer meerdere percelen, gewassen of regelingen een rol spelen, kan het lastig zijn om de gevolgen goed te overzien. 

Twijfelt u welke gevolgen de droogte en de aangepaste GLB-regels hebben voor uw bedrijf? Dan is het verstandig om tijdig naar het totaalplaatje te kijken. 

Uw adviseur van Flynth kan u helpen de regelgeving te duiden en te vertalen naar uw bedrijfssituatie. Samen kunt u de gevolgen in kaart brengen, vaststellen welke acties nog mogelijk zijn en beoordelen of aanpassingen in uw GLB-aanvraag, bedrijfsvoering of planning verstandig zijn. Zo maakt u keuzes die passen bij uw bedrijf én bij de geldende regels. 

Auteurs

  • Christa Sol