My Flynth
Prinsjesdag voor de werkgever

Prinsjesdag voor de werkgever

Op deze pagina vindt u relevante informatie uit de belastingplannen voor 2020 voor werkgevers.

voor u als werkgever

Flynth bekeek naar aanleiding van Prinsjesdag voor u de belastingplannen voor het aankomende jaar. Op deze pagina vindt u relevante informatie uit de belastingplannen voor 2020.

U krijgt meer ruimte om werknemers onbelaste vergoedingen en verstrekkingen te geven. Het kabinet wil de vrije ruimte in de werkkostenregeling (WKR) vergroten door een systeem met twee schijven in te voeren. Mkb-ondernemingen profiteren naar verhouding het meest.

Momenteel bedraagt de vrije ruimte binnen de WKR 1,2% van het totale fiscale loon van alle werknemers. Binnen deze begrenzing kan de werkgever naar believen onbelaste vergoedingen en verstrekkingen geven, ook als er een privévoordeel is voor de werknemer. Denk bijvoorbeeld aan kantinemaaltijden of kleine bonussen.

1,7% over de eerste vier ton

Die 1,2% is in de praktijk geen heel ruime regeling. Het kabinet wil werkgevers nu meer ruimte bieden met een tweeschijvenstelsel. Dit houdt in dat over de fiscale loonsom tot en met € 400.000 de vrije ruimte 1,7% van de loonsom gaat bedragen. Over het restant van de loonsom blijft de vrije ruimte 1,2%. Deze opzet betekent dat mkb-werkgevers naar verhouding het meest profiteren. De verruiming pakt immers het gunstigst uit bij een loonsom op of dicht bij de voorgestelde € 400.000.

Let op!

Voordat u al te enthousiast extra onkostenvergoedingen gaat vaststellen is het van belang dat u zich realiseert dat de vrije ruimte uiteindelijk met slechts € 2.000 (0,5% van € 400.000) wordt verhoogd.

Het kabinet wil werkgevers meer tijd geven om aangifte te doen als zij eindheffing verschuldigd zijn wegens overschrijding van de vrije ruimte van de werkkostenregeling (WKR). U krijgt zo wat langer de tijd om overschrijdingen vast te stellen en correct fiscaal te verwerken.

Als u in een bepaald kalenderjaar eindheffing verschuldigd bent door het overschrijden van de vrije ruimte in de WKR, moet u dit aangeven. Momenteel moet dit uiterlijk in de aangifte over het eerste aangiftetijdvak van het volgende kalenderjaar gebeuren. Het kabinet stelt voor om deze termijn te verlengen naar het tweede aangiftetijdvak. De gedachte is dat werkgevers soms meer tijd nodig hebben om overschrijdingen vast te stellen en fiscaal correct te verwerken.

Het ziet ernaar uit dat u straks niet langer de vrije ruimte van de Werkkostenregeling (WKR) hoeft aan te spreken als u de kosten van een Verklaring Omtrent het Gedrag (VOG) wilt vergoeden. Het kabinet koerst op een gerichte fiscale vrijstelling voor zulke vergoedingen.

Voor een aantal beroepen zijn werknemers wettelijk verplicht om aan de werkgever een VOG te overleggen. Daarnaast vragen werkgevers regelmatig om een VOG als zij daartoe niet verplicht zijn. In beide gevallen ontvangt de werknemer vaak een vergoeding voor de aanvraagkosten. De werkgever brengt de vergoeding vervolgens ten laste van de vrije ruimte om te voorkomen dat de werknemer heffing verschuldigd is.

Meer ruimte voor andere zaken

Het kabinet stelt nu voor om de vergoeding van de kosten van de VOG aan de werknemer gericht vrij te stellen. Dit betekent dat u deze als werkgever niet meer ten laste van de vrije ruimte hoeft te laten komen. Dat is ook bij de door het kabinet voorgestelde verruiming van de vrije ruimte goed nieuws: er blijft meer ruimte over voor andere vergoedingen en verstrekkingen.

Er komt een verbod om bij strafbeschikking opgelegde geldboetes en bestuursrechtelijke dwangsommen aan te wijzen als eindheffingsbestanddelen. Als u uw werknemer een vergoeding geeft voor zo’n sanctie, behoort die altijd tot het belastbare loon. Het verbod is van toepassing op alle boetes en dwangsommen van na 31 december 2019.

Als een werkgever zijn werknemer een bij strafbeschikking opgelegde geldboete of een bestuursrechtelijke dwangsom vergoedt, behoort deze vergoeding wat het kabinet betreft tot het belastbare loon. Na ingang van het verbod mag de werkgever zulke vergoedingen niet aanwijzen als eindheffingsbestanddelen.

Ook van toepassing op buitenlandse dwangsom

Het aanwijsverbod voor bestuursrechtelijke dwangsommen en bij strafbeschikking opgelegde boeten is voor het eerst van toepassing op:

  • dwangsommen die na 31 december 2019 verbeurd zijn;
  • boetes vanwege strafbeschikkingen die na 31 december 2019 zijn uitgevaardigd.

Het verbod geldt ook voor het vergoeden van buitenlandse dwangsommen die te vergelijken zijn met Nederlandse bestuursrechtelijke dwangsommen.

Het kabinet wil eenduidiger fiscale regels voor situaties waarin u producten uit uw eigen bedrijf aan uw werknemers geeft. Bij de waardering is straks altijd de waarde in het economisch verkeer het uitgangspunt.

Op dit moment moet u de waarde van producten uit eigen bedrijf bepalen aan de hand van het bedrag dat u aan derden in rekening brengt. Dit bedrag hoeft niet gelijk te zijn aan de waarde in het economische verkeer. Het kabinet wil de bepaling van de waarde meer in lijn brengen met de gerichte vrijstelling van 20%. Het stelt daarom voor om de waarde van het product uit eigen bedrijf steeds te stellen op de waarde in het economische verkeer.

 

Er komen meer momenten per jaar waarop u een verklaring voor Speur- & Ontwikkelingswerk (S&O) aan kunt vragen. Ook de uiterste termijn voor het indienen van aanvragen wordt ruimer.

Volgens het kabinetsvoorstel wordt het aantal momenten per jaar waarop een S&O-verklaring kan worden aangevraagd uitgebreid van drie naar vier. Ook wordt het uiterste moment van het indienen van een aanvraag gesteld op de dag voorafgaand aan de periode waarop de aanvraag betrekking heeft, in plaats van een maand voorafgaand aan die periode. Voor aanvragen die betrekking hebben op de periode die ingaat op 1 januari van een kalenderjaar, stelt het kabinet voor de uiterste indieningsdatum te stellen op 20 december van het daaraan voorafgaande kalenderjaar.

Tip!

Krijgt u te maken met een verstoring van het digitale loket? Dan geldt een verschoonbaarheid van de termijnoverschrijding ten aanzien van de S&O-aanvraag, de opgaven van burgerservicenummers, de bestede uren of de eventuele gerealiseerde kosten en uitgaven.

Als u met vrijwilligers werkt, kunt u die voortaan met enige regelmaat iets meer vergoeden. De fiscus gaat de maximale bedragen jaarlijks indexeren. Toch gaat de vergoeding in de praktijk niet ieder jaar omhoog.

Sinds 1 januari 2019 kunnen personen die als vrijwilliger werkzaam zijn daar een belastingvrije vergoeding voor krijgen van maximaal € 170 per maand en € 1.700 per kalenderjaar. Ook hoeven er over dat bedrag geen premies werknemersverzekeringen af te worden gedragen. Er moet wel aan diverse voorwaarden worden voldaan en die voorwaarden blijven gewoon onverkort van toepassing.

Afronding op veelvoud van € 100

Als gevolg van een motie in de Eerste Kamer wordt nu voorgesteld om de genoemde maxima met ingang van 1 januari 2020 jaarlijks te indexeren. Het maximumbedrag zal per kalenderjaar rekenkundig worden afgerond op een veelvoud van € 100. Dit zal in de praktijk betekenen dat de in de wet opgenomen maximale bedragen niet ieder jaar zullen wijzigen. Uitgaande van een inflatiecorrectie van 2,5% per jaar zou dat betekenen dat de eerste aanpassing naar € 1.800 per jaar vermoedelijk pas eind 2021 zal plaatsvinden.

Vragen?

Onze experts staan voor u klaar

Onze experts staan voor u klaar

Heeft u een vraag over dit onderwerp? Stuur dan een mail naar belastingadvies@flynth.nl of bel 088 236 77 77. We zijn u graag van dienst!