My Flynth

Nieuws en achtergrond

 

Nieuws

Aanstaande echtgenoten opgelet! Voorstel inperking wettelijke gemeenschap

Gepubliceerd: 21-04-2017, laatst gewijzigd: 21-04-2017

Op 28 maart 2017 heeft de Eerste Kamer het initiatiefwetsvoorstel tot beperking van de wettelijke gemeenschap (nipt) aangenomen. Dit betekent onder meer dat de omvang van de wettelijke gemeenschap aanzienlijk zal worden ingeperkt.

De regeling geldt voor echtgenoten en geregistreerde partners, dus niet voor ongehuwde samenwoners. Hierna worden onder ‘echtgenoten’ mede geregistreerde partners verstaan. Wanneer de nieuwe regeling exact in werking treedt is overigens nog niet bekend.

Wettelijke gemeenschap van goederen

Nederland kent als basisstelsel de ‘wettelijke gemeenschap van goederen’ (ook wel ten onrechte de ‘algehele gemeenschap van goederen’ genoemd). De wettelijke gemeenschap van goederen omvat – met enkele uitzonderingen - alle tegenwoordige en toekomstige goederen van de echtgenoten. Hieronder vallen ook giften (schenkingen en andere bevoordelingen zoals bij verkoop tegen een onzakelijke prijs) en erfrechtelijke verkrijgingen (erfenissen, legaten), tenzij de schenker of erflater dit bij de schenking of bij het testament anders heeft bepaald door een uitsluitingsclausule te verbinden aan de schenking of erfrechtelijke verkrijging.

Beperkte wettelijke gemeenschap van goederen

Het wetsvoorstel gaat uit van een beperkte gemeenschap van goederen als basisstelsel. Volgens de initiatiefnemers sluit de voorgestelde regeling beter aan bij de huidige maatschappelijke opvattingen en de praktijk. De achterliggende gedachte van het wetsvoorstel is dat alleen het vermogen dat de echtgenoten tijdens het huwelijk opbouwen, aan beiden toekomt.

Beperkte gemeenschap

De belangrijkste wijzigingen ten opzichte van de huidige regeling zijn:

  1. Giften en erfrechtelijke verkrijgingen (en de vruchten daarvan) maken geen deel meer uit van de wettelijke gemeenschap van goederen.
     
  2. Goederen en schulden die de echtgenoten al bij het aangaan van het huwelijk hadden vallen buiten de huwelijksgoederengemeenschap, tenzij het gemeenschappelijke goederen of schulden betreft. Ook schulden met betrekking tot voorhuwelijkse gemeenschappelijke goederen vallen in de huwelijksgoederengemeenschap (denk aan een hypotheekschuld in verband met de gezamenlijke woning).
    Als de echtgenoten vóór het huwelijk voor ongelijke delen (bijv. 40 - 60 procent) gerechtigd zijn tot een gemeenschappelijk goed, dan worden zij door het huwelijk ieder voor de helft (50 - 50 procent) gerechtigd tot dit goed. Willen ze dit voorkomen, dan moeten zij huwelijkse voorwaarden maken. Hetzelfde geldt voor schulden. Als de echtgenoten voor ongelijke delen draagplichtig zijn, zal die draagplicht door het huwelijk eveneens veranderen, tenzij zij huwelijkse voorwaarden maken.
     
  3. Wanneer een onderneming buiten de wettelijke gemeenschap valt (bijv. omdat het behoort tot het voorhuwelijkse vermogen van één van de echtgenoten), dan wordt een redelijke vergoeding voor de kennis, vaardigheden en arbeid die een echtgenoot ten behoeve van die onderneming heeft aangewend, aan de wettelijke gemeenschap toegerekend. Dit om te voorkomen dat wanneer er sprake is van een voorhuwelijkse onderneming, en de echtgenoot de winst niet uit laat keren, de gerealiseerde winst eveneens volledig buiten de wettelijke gemeenschap valt.
    Een soortgelijke regeling geldt ook wanneer de onderneming niet op eigen naam, maar voor rekening van een rechtspersoon (bijv. een bv) of personenvennootschap (maatschap, vof of cv) wordt uitgeoefend en de echtgenoot in staat is om zelf te bepalen dat de winst (in)direct aan hem wordt uitgekeerd.
    Wat onder een redelijke vergoeding moet worden verstaan is niet verder uitgewerkt in de wet. Tijdens de parlementaire behandeling is aangegeven dat ‘de omvang van dit vergoedingsrecht variabel is en afhangt van de omstandigheden van het geval, zij het dat deze omvang gekoppeld is aan hetgeen kan worden toegerekend aan deze arbeidsinspanningen en voor zover dit naar maatschappelijke opvattingen aanvaardbaar is.’ Wat in een voorkomend geval concreet onder een redelijke vergoeding moet worden verstaan zullen de echtgenoten in overleg moeten vaststellen of wanneer zij het niet eens kunnen worden, door de rechter.
     
  4. Privéschulden van een echtgenoot kunnen worden verhaald op de goederen van de gemeenschap. Hiermee wordt bedoeld dat een schuldeiser vermogensbestanddelen te gelde kan maken (meestal nadat hij eerst beslag heeft gelegd) om uit de opbrengst daarvan zijn vordering te betalen. Dat verhaal is beperkt tot de helft van de opbrengst van het uitgewonnen goed. De andere helft komt aan de andere echtgenoot toe en valt dan buiten de gemeenschap. De andere echtgenoot heeft in die situatie het recht om de desbetreffende zaak over te nemen tegen betaling van de helft van de waarde aan de gemeenschap. Daarna blijft het goed buiten de gemeenschap.

    Stel: A en B zijn getrouwd en tot de huwelijksgoederengemeenschap behoort een auto. A heeft een (voorhuwelijkse) privéschuld aan X van  5.000 euro.

    Omdat A niet betaalt, legt X beslag op de auto met de bedoeling die te verkopen zodat X uit de opbrengst de schuld van A aan X kan betalen. De verkoopopbrengst is 8.000 euro. Het verhaal van X is dan beperkt tot 4.000 euro. De andere 4.000 euro is voor B. Voor het restant van zijn vordering kan X eventueel verhaal zoeken op een andere zaak.

    Als B erg gehecht is aan de auto, kan zij er ook voor kiezen om de auto uit het gezamenlijke vermogen te ‘kopen’ voor 4.000 euro. De auto behoort dan tot het privévermogen van B.


    Een vergelijkbare regeling geldt voor gemeenschapsschulden die worden verhaald op het privévermogen van een echtgenoot.

Gevolgen bij echtscheiding

Door de beperktere huwelijksgoederengemeenschap valt er minder te verdelen. Voorhuwelijks privévermogen, erfenissen en schenkingen behoren tot het privévermogen van de betreffende echtgenoot en hoeven dus niet meer te worden verdeeld. Ook hoeft een echtgenoot niet langer bedacht te zijn op onbekende of onverwachte voorhuwelijkse schulden van de andere echtgenoot.

Overgangsrecht

De nieuwe regeling geldt alleen voor gemeenschappen die ontstaan na inwerkingtreding van de wet. Voor gemeenschappen die vóór de inwerkingtreding zijn ontstaan, blijft de ‘oude’ regeling gelden.

Huwelijkse voorwaarden

Net als onder het huidige recht kunnen (aanstaande) echtgenoten en geregistreerde partners bij huwelijkse voorwaarden afwijken van de wettelijke gemeenschap van goederen. Ze kunnen kiezen voor een ruimere gemeenschap, vergelijkbaar met de huidige wettelijke gemeenschap, maar ze kunnen ook nog steeds opteren voor uitsluiting van iedere gemeenschap van goederen.

Administratie

Ook in de nieuwe regeling blijft goed administreren het advies, want een goed waarvan een echtgenoot niet kan bewijzen dat het zijn eigendom is, valt in de gemeenschap en wordt in de verdeling betrokken. Hetzelfde geldt voor eventuele schulden. Dus wanneer de echtgenoten willen dat hun privévermogen aan het einde van het huwelijk ook echt privé is, dan zullen de echtgenoten hun vermogen dus wel gescheiden moeten houden.

Meer informatie

Wilt u meer informatie over dit onderwerp? Neem contact op met uw adviseur. Flynth is bereikbaar via e-mail juridisch@flynth.nl of telefoonnummer 088 236 76 20.

Deel dit bericht via:

Geschreven door:

Meer weten

Een vestiging bij u in de buurt
Bel: 088 23 67 620

Blijf op de hoogte van het laatste nieuws

Michiel Hoogkamer

Michiel.Hoogkamer@flynth.nl